![]() |
Oud-Katholieke
Parochie
|
||
| Gods genade is in deze wereld aanwezig | |||
|
Worden bankiers gesteund door het evangelie? Petrus en Paulus: totaal verschillend Wij zijn een bouwwerk van de Geest Het ontvangen van de communie is een opdracht Veertigdagentijd: er even tussenuit Het kerstverhaal anders verteld Kerstmis: de bevrijding is begonnen Geloven is niet mogelijk zonder ervaring Maria Magdalena, de apostelgelijke Mijn juk is zacht, mijn last is licht Geen consumenten maar een herderlijk volk Geen bevrijding zonder bekering Kunnen we weer leven in de geest van het martelaarschap? Willen wij nog wel leiding ontvangen? We verrijzen nu al uit de dood "Wees blijde temidden van het lijden" Opdracht van de Heer in de tempel (Maria Lichtmis) Kind dopen antwoord op openbaring God Bent u degene die komen zou of moeten we een ander verwachten? De rijke man en de arme Lazarus De eerste en de laatste plaats |
Preek van Pastoor Remco Robinson, Witte Donderdag Jezus’ opdracht om het Laatste Avondmaal te blijven doen, wordt nauwelijks opgevolgd. Vanavond op Witte Donderdag gedenken we de instelling van het Avondmaal of de eucharistie. Niet voor niets heet deze feestdag in het Engels Maundy Thursday, wat is afgeleid van het Latijnse mandatum, wat opdracht betekent. Vanavond krijgen de volgelingen van Jezus de opdracht om Jezus’ dood en verrijzenis te gedenken door het delen van brood en wijn. Een navolging van wat Hijzelf deed tijdens het Laatste Avondmaal. Het is zo jammer dat deze opdracht in de kerken zo slecht wordt opgevolgd. In protestantse kerken wordt het avondmaal slechts enkele keren per jaar gevierd. De Rooms-katholieke kerk maakt het met haar regels voor veel mensen onmogelijk om eucharistie te vieren. In onze kerk is op elke zondag een eucharistie, maar slechts een klein deel van de parochianen voelt zich geroepen om hieraan deel te nemen en dan nog niet iedere week. Misschien ligt de schuld ook wel bij onze kerk, die van een intense ervaring tussen Jezus en zijn leerlingen, een gestileerd ritueel heeft gemaakt. De verbondenheid met God is voor veel mensen niet te ervaren. Waarom zouden we wekelijks eucharistie vieren? Waarom zou je ook iedere zondagmorgen je weer vrij maken om dat eind te rijden naar de kerk? Waarom zou je deelnemen aan dat vreemde ritueel, waar alle spontaniteit uit is? Alles wat je moet zeggen of zingen staat in een boekje. Wat zeg ik, 1 boekje? Was het maar zo. Met een liturgieblad dat veel weg heeft van een routeplanner moet je je door twee boeken heen worstelen. De muziek is nou niet bepaald waar je op de radio graag naar luistert. En als je dan eindelijk komt, dan staat daar weer die pastoor die je vertelt dat je meer tijd aan je geloof moet besteden. Wellicht ervaart u het niet zo sterk als ik het nu afschilder. Immers, dan zou u hier niet zitten. Toch is het zo dat we niet blind moeten zijn voor alle drempels die we als kerk in de naam van de traditie hebben ingebouwd voordat mensen in staat zijn om iets van dat Laatste Avondmaal met Jezus te ervaren. En dat is juist zo belangrijk, dat dat bijzondere moment tussen Jezus en zijn leerlingen opnieuw beleefd word. In de eucharistie beleven we opnieuw de verbondenheid met God Als we eucharistie vieren, kunnen we het Laatste Avondmaal opnieuw beleven. Dat is niet hetzelfde als gedenken. Het gaat niet om een eenmalige gebeurtenis in het verleden, waar we nog eens aan denken. Dan zou het voldoende zijn om er gewoon over te lezen. Door het in een ritueel te vieren, beleven we het opnieuw, worden we deelgenoot van wat er toen in die bovenkamer gebeurde.
En dat is heel veel. In feite vat Jezus zijn hele opdracht samen in die dubbele handeling, het breken en delen van brood en wijn. Hij roept het verhaal van de Uittocht uit Egypte op. Hij viert het Laatste Avondmaal op het Pesach feest. Net zoals bij het pesach feest wordt er brood en wijn gedeeld. Alleen het lam, dat geroosterd wordt en waarvan het bloed op de deurposten ervoor zorgde dat de Engel des dood het gezin oversloeg, is er niet. Dat lam is Jezus namelijk zelf. Net zoals het lam sterft om mensen te redden, sterft Jezus voor allen. Niet als een zoenoffer om een bloeddorstige God tevreden te stellen, maar als een God die een wordt met alle slachtoffers in de wereld. Daarbij laat God zien, wie Hij werkelijk is, aan welke kant Hij staat. Hij wordt één met de onschuldigen die lijden en sterven door het kwaad en daardoor wordt het kwaad overwonnen. Zoals het brood gebroken wordt, zo zal Jezus gebroken worden. Zoals de wijn vloeit, zo zal Jezus’ bloed vloeien.
Hierin komt alles samen waar Jezus voor staat, een God die zo begaan met de mensen is, dat Hij het niet kan aanzien hoe wij elkaar onderdrukken, kwetsen en vermoorden. Daarom stuurt God Zijn Zoon. In Jezus is God mens geworden, is God iets nieuws begonnen. Zoals Hij de Israëlieten uit de onderdrukking naar het beloofde land voerde om Zijn volk te zijn, zo wil Hij in Jezus alle mensen met elkaar verbinden tot Zijn volk om te leven in Zijn koninkrijk. Het is niet meer een land ver weg, maar iets wat in het hier en nu kan ontstaan, wanneer we Jezus navolgen. Juist dat komt tot uitdrukking als we samen eucharistie vieren. We beleven het dan weer opnieuw. We komen als individuen samen, maar in de liturgie worden we één volk, Gods volk. We krijgen de mogelijkheid om ons oude leven af te leggen in de schuldbelijdenis. We mogen ons bekeren door het Woord dat verkondigd wordt en als volk mogen we Hem ontmoeten onder de tekenen van brood en wijn. De eucharistie is hét ritueel van het verzamelde volk van God. Het volk komt samen en daarom is Jezus in brood en wijn aanwezig. Daarom herhaalt Paulus in zijn Korinthiërsbrief ook de instellingswoorden. In Korinthe werd men niet één volk, maar aten de rijken wat ze hadden meegenomen en de armen hadden niets. Dan is het geen maaltijd van de Heer. Het is om dezelfde reden dat de priester niet in zijn eentje eucharistie kan vieren. Ook dan is er geen samenkomst. Het gaat niet om onze eigen behoefte aan een ritueel De opdracht van Jezus om dit te doen, om Hem te gedenken, betekent dat we in de eucharistie boven onszelf uitstijgen. Niet op een vage spirituele manier, maar heel concreet doordat we van individuen tot Gods volk worden, verbonden met Hem. Als dat centraal staat, dan heeft eucharistie vieren niets meer te maken met onze eigen behoeften aan een zondagochtendritueel. Dan heeft het niets te maken met onze eigen behoefte aan bezinning of een religieuze ervaring. Dan speelt zelfs de vraag of het ritueel ons bevalt hetzij door de voorganger, de muziekkeuze of de kwaliteit van koor en organist geen rol meer. Dan gaat het nog maar om 1 ding, dat we samen met onze broeders en zusters in Christus samenkomen om Zijn volk te zijn en Hem te ontmoeten. Conclusie In de Oud-katholieke kerk en zeker in onze Arnhemse parochie hebben we een gezegende positie, mogen we onszelf gelukkig prijzen, want we kunnen iedere zondag eucharistie vieren. Niet alleen ten opzichte van andere kerken is dat een luxe, maar ook ten opzichte van sommige parochies binnen de Oud-katholieke kerk is dat bijzonder. We krijgen de kans om steeds weer opnieuw dat bijzondere ritueel te beleven. Iedere week weer mogen we als Gods volk Jezus ontmoeten en zijn verbondenheid met Zijn discipelen ervaren. Dan mogen we weer weten waar het God om gaat en daarmee kunnen we gesterkt in de wereld onze christelijke opdracht uitvoeren. Uitleiding Niet iedereen voelt zich rijk met een wekelijkse eucharistie. De meeste mensen in Nederland hebben wel wat anders te doen op hun zondagochtend. Voor anderen biedt de liturgie helemaal niet dat gevoel van verbondenheid met God of met anderen. Dat licht gedeeltelijk aan de mensen zelf. Zeker in onze kerk is de eucharistie geen ‘instapritueel’, iets waar je aan kunt deelnemen, zoals je in een behaaglijk warm bad stapt. Het vraag om verdieping en groei, waardoor je de zin ervan kunt ervaren en begrijpen. Juist dat vraagt om een regelmatig meevieren. Aan de andere kant moeten we als parochie ook werken aan onze beleving van de eucharistie. Moeten we ons afvragen in hoeverre het nog de maaltijd van de Heer is en niet verworden is tot ons eigen ritueel waarin we ons fijn voelen. We moeten de essentie blijven vasthouden en onnodige drempels verwijderen. Uiteindelijk gaat het erom dat we Jezus’ opdracht vervullen, maaltijd houden met onze medemensen om Hem te gedenken.
|
||