![]() |
Oud-Katholieke
Parochie
|
||
| Elkaars taal | |||
|
Worden bankiers gesteund door het evangelie? Petrus en Paulus: totaal verschillend Wij zijn een bouwwerk van de Geest Het ontvangen van de communie is een opdracht Veertigdagentijd: er even tussenuit Het kerstverhaal anders verteld Kerstmis: de bevrijding is begonnen Geloven is niet mogelijk zonder ervaring Maria Magdalena, de apostelgelijke Mijn juk is zacht, mijn last is licht Geen consumenten maar een herderlijk volk Geen bevrijding zonder bekering Kunnen we weer leven in de geest van het martelaarschap? Willen wij nog wel leiding ontvangen? We verrijzen nu al uit de dood "Wees blijde temidden van het lijden" Opdracht van de Heer in de tempel (Maria Lichtmis) Kind dopen antwoord op openbaring God Bent u degene die komen zou of moeten we een ander verwachten? De rijke man en de arme Lazarus De eerste en de laatste plaats |
Preek van Pastoor Remco Robinson Kleine middenstander Als pastoor voel je je soms een kleine middenstander met een winkeltje.
Maar dat is natuurlijk niet de betekenis van de doop. Zeker niet in dit speciale geval Drie jonge mensen kiezen ervoor hun leven in de Geest van Jezus te leiden. Ze willen Jezus navolgen en daarbij deel worden van zijn gemeenschap, de kerk. Dat is een reden om blij te zijn, om hen met open armen te verwelkomen en God dankbaar te zijn dat Hij zich zo in het leven van deze drie kinderen zo laat kennen. Nieuwe mensen brengen vreugde, maar ook een uitdaging Ik overdrijf nu natuurlijk, maar we leven in een land dat bekend staat
om zijn cultuur van tolerantie. Dat is helaas niet hetzelfde als een cultuur
van openheid. In de kerk is dat meestal niet anders. Op zijn best zijn
we een tolerante gemeenschap die een ongepaste uitroep van een kind of
onwennig gedrag van een nieuweling wel tolereert. Het is al heel wat als
we zeggen: Pinksteren laat ons in tongen spreken Kijken we naar het verhaal van Pinsteren, dan valt op dat het er niet rustig en sereen aan toe gaat. Geen vroom biddende mannen die in een diepe stilte inzichten en kracht krijgen om aan het werk te gaan. Het gaat veel meer om onzekere mensen die worden opgeschrikt door een wind. Er verschijnt volgens het verhaal vuur, tongen van vuur boven hun hoofden. Daarna gaan ze in tongen spreken. Zoals wel vaker verteld is, betekent in tongen spreken oorspronkelijk het in extase onsamenhangend uitstoten van klanken, die later geïnterpreteerd kunnen worden als een boodschap van de heilige Geest. Vandaar ook het idee dat de apostelen dronken zijn. Ze slaan wartaal uit. Lucas verandert bewust de betekenis van de tongentaal in het spreken in talen. Als u zich nog het verhaal van de toren van Babel kunt herinneren, dan weet u dat God de eenheid van de mensen verbreekt door ze verschillende talen te laten spreken. Ze kunnen elkaar niet meer verstaan, raken verdeeld en kunnen daardoor nooit meer zoiets groots als de toren van Babel afmaken. Met Pinksteren gebeurt het omgekeerde. Ze apostelen spreken een taal die iedereen kan verstaan. Lucas noemt hier alle in die tijd bekende volkeren op. Iedereen kon de apostelen verstaan. De Babylonische spraakverwarring wordt opgeheven. Het is een nieuw begin van eenheid, het ontstaan van een nieuwe gemeenschap van mensen die we graag het begin van de kerk noemen. De apostelen spreken dus een taal die iedereen kan verstaan. De scheidslijnen tussen verschillende mensen worden opgeheven. Er is geen sprake van tolerantie, maar de apostelen spreken iedereen aan in hun eigen taal. Het begin van de kerk kent dus geen inburgeringscursus, de eis van de NT2, maar spreekt mensen aan in hun eigen taal. Is het dan niet jammer dat zo’n 2000 jaar later de kerk zo slecht in staat lijkt om verschillende mensen aan te spreken. Wij vragen van nieuwe leden een inburgeringscursus. Zij moeten onze gebruiken maar leren begrijpen, want wij doen het nu eenmaal zo. Kinderen moeten maar leren hoe een Oud-Katholieke dienst in elkaar zit, want zo hoort het nu eenmaal. Zolang ze dat niet kunnen, moeten ze maar naar de kinderkerk. Pinksteren daagt ons daarentegen uit om anders om te gaan met nieuwe mensen. Komen nieuwe mensen de kerk binnen, dan moet de kerk hen aanspreken in hun eigen taal. We worden gevraagd open te staan voor wat de nieuwkomers brengen. Niet teveel proberen de sereniteit van de kerk vast te houden en iedereen in de pas te laten lopen, maar open te staan voor de wind en het vuur van de heilige Geest dat dwars door de gesloten ramen en deuren heen gaat en ons een andere taal doet spreken. Nieuwe mensen verrijken ons. Misschien is de grootste rijkdom die kinderen in een kerk kunnen brengen wel dat zij de conventies niet kennen, dat zij zich niet houden aan de cultuur van stil zijn, rustig in je bank gaan zitten en meedoen. Een kind komt hier binnen met de vraag: ‘Wat valt hier te beleven?’ en daarin neemt hij of zij ons mee op een ontdekkingstocht. Het meegaan op die ontdekkingstocht wijst ons op de booschap van Pinksteren: de Geest waait waar zij wil, zij sterkt en spoort aan, maakt los wat vast zit, brengt tot leven wat koud en versteend is, zij houdt de kerk in beweging. Conclusie De kerk beschouwt de doop als het begin van nieuw leven. Iets wat Lara motiveerde om zich te laten dopen. Zij omschreef het als 9-jarige met de woorden: “Dan begint er weer wat nieuws.” Blijkbaar had zij daar al behoefte aan. Ik ga dat nu niet verder invullen, maar voor ons als gemeenschap betekent de doop hetzelfde als een bevalling voor de kersverse ouders: Het oude evenwicht wordt verstoord, wat vast zat, wordt losgemaakt en er ontstaat een nieuwe dynamiek in het leven. Deze nieuwe dynamiek is een uitdaging, maar ook een verrijking die nieuwe mogelijkheden biedt. Uitleiding Daar sta je dan als kleine middenstander met je winkeltje, een winkeltje
dat niet zo goed verkoopt, omdat volgens sommigen je handelswaar over
de datum is. Maar zelf hebben we – want wij zijn gezamenlijk die
middenstander – regelmatig van die handelswaar geproefd en we weten
dat we ze nog goed is, dat ze beproefd is, een rijkdom, die we met liefde
aanbieden aan anderen. Zo meteen gaan Lara, Jenna en Daphne een nieuwe
stap in hun jonge leven zetten. Ik heb de liturgie aangepast. Van hen
vraag ik geen beloften, dat kun je van kinderen nog niet vragen. Je kunt
alleen vragen of ze het willen.
|
||