![]() |
Oud-Katholieke
Parochie
|
||
| Doop van de Heer | |||
|
Worden bankiers gesteund door het evangelie? Petrus en Paulus: totaal verschillend Wij zijn een bouwwerk van de Geest Het ontvangen van de communie is een opdracht Veertigdagentijd: er even tussenuit Het kerstverhaal anders verteld Kerstmis: de bevrijding is begonnen Geloven is niet mogelijk zonder ervaring Maria Magdalena, de apostelgelijke Mijn juk is zacht, mijn last is licht Geen consumenten maar een herderlijk volk Geen bevrijding zonder bekering Kunnen we weer leven in de geest van het martelaarschap? Willen wij nog wel leiding ontvangen? We verrijzen nu al uit de dood "Wees blijde temidden van het lijden" Opdracht van de Heer in de tempel (Maria Lichtmis) Kind dopen antwoord op openbaring God Bent u degene die komen zou of moeten we een ander verwachten? De rijke man en de arme Lazarus De eerste en de laatste plaats |
Teken van hoop Ik weet niet hoe u vorige week de doop van Janairo hebt ervaren, maar mij gaf het een gevoel van hoop. Wanneer een kind gedoopt wordt, betekent het dat er weer een nieuwe christen bij is. Een jong leven dat al heel vroeg aan God wordt gewijd. Dat er weer ouders zijn die het geloof de moeite waard vinden om hun kind mee op te voeden. Iets algemener gezegd, dat het verhaal van Jezus, de christelijke traditie weer verder gaat. Gerechtigheid vervullen In het evangelie van vandaag hebben we gelezen hoe Jezus Johannes vraagt om gedoopt te worden. Johannes weigert, want waarom zou Jezus gedoopt moeten worden? Het zou eerder andersom moeten zijn. Jezus antwoordt dan dat het moet omdat de gerechtigheid vervuld moet worden. Dat is een vreemde zin. Wat heeft het dopen van Jezus nu te maken met gerechtigheid vervullen? De gerechtigheid waar Jezus het over heeft is de bevrijding, de verlossing. Volgens het Oude Testament waren de mensen ontrouw aan het verbond met God, waardoor ze niet meer in Gods koninkrijk mochten leven. Ballingschap en later bezetting door de Romeinen was het gevolg. Men mocht niet meer in gerechtigheid en vrede leven. Door te dopen en gedoopt te worden beginnen Johannes en Jezus aan de terugkeer van die gerechtigheid. De doop met water is verbonden aan de doortocht van het volk van Israël door de Rode Zee en later nog eens met Jozua door de Jordaan. Om het beloofde koninkrijk binnen te mogen gaan, moet het volk net als bij de uittocht uit Egypte door het water heen. Jezus komt ook meteen uit het water omhoog zoals Jozua het volk met haast door de Jordaan leidde. De hemel opent zich en de heilige Geest daalt als een duif op Jezus neer. Dit is een direct antwoord op de hartenkreet van de weggevoerde mensen zoals dat in de profetie van Jesaja staat. Daar zeggen de mensen: 'Als U de hemel toch openscheurt om af te dalen.’ Met andere woorden, het volk smeekt God om zelf bij hen te komen en hen terug te voeren naar het beloofde land. Dan klinkt de stem: ‘Dit is mijn geliefde zoon, in wie ik vreugde vind.’
Hierbij gaat het er niet gewoon om dat Jezus de Zoon van God is, want dat is vanaf het begin al duidelijk. Hier gaat het erom dat de doop iemand tot kind van God maakt, om wie God blij is. Na de doop begint Jezus aan zijn missie en aan het einde van het Matteüsevangelie volgt het doopbevel, wat we ook vorige week hebben gelezen bij de doopviering. De apostelen moeten iedereen tot leerling maken van Jezus en hen dopen in de naam van de drie-ene God. Hiermee wordt Jezus’ missie voortgezet, opdat alle mensen kinderen van God kunnen zijn. Het verhaal van de doop van Jezus vertelt ons dat we door de doop kind van God worden. We worden opgenomen in het volk van God dat door Jezus wordt meegevoerd naar het koninkrijk van God. Daarom betekent dopen ook dat je lid van de kerk wordt, Gods volk onderweg. Dat hier weer iemand bij komt, is zoals ik al zij hoopgevend, zowel voor de dopeling die nu ook op weg mag gaan, als voor ons die weer een nieuwe reisgenoot hebben. Dopen is niet vrijblijvend Dat de doop hoopgevend is, is mooi, maar door die hoop is ze niet vrijblijvend. Om bij het volk van God te horen, moet je wel mee op weg gaan. Een dopeling of diens ouders moet van alles beloven. Maar ook voor ons die erbij zijn, is de doop niet alleen maar een mooi moment, waar je blij van kunt worden. De doop van iemand anders is voor de kerkgemeenschap zelf ook confronterend. Je wordt weer herinnerd aan de beloften die je hebt gedaan. Zoals de dopeling moet groeien in geloof en liefde, het kwade moet overwinnen om het goede te doen, zo moeten ook wij die weg gaan. Daar komt nog bij dat we beloofd hebben de dopeling hierin te steunen. Kijken we naar het evangelie, dan betekent ons gedoopt zijn dat we ons bekeerd hebben en een nieuw leven leiden, een leven in Christus. Met andere woorden, dat we leven volgens de christelijke traditie en met het geloof in Jezus. Wanneer we een doopviering meemaken, dan worden we geconfronteerd met de vraag of dat wel zo is. In hoeverre laten we ons echt door ons geloof leiden? Uit studies weten we dat voor de jaren ’60 van de vorige eeuw het geloof iets was dat het hele leven doordrong. Geloof en kerk waren de inspiratie en motivatie die altijd meespeelden. De lokale gemeenschap leefde rond de kerk. Ik weet niet of dat altijd ideaal was. Het drukte mensen in een keurslijf. De kerk waartoe je behoorde bepaalde met wie je mocht omgaan, naar welke school je ging, wat je moest denken en wat je moest doen. U kent waarschijnlijk wel de verhalen van pastoors en kapelaans die kwamen informeren wanneer de volgende baby komt en in de ervaring van veel katholieken heeft de kerk hen dom gehouden. Misschien moeten we hier niet naar terugverlangen, maar het feit is dat geloof tegenwoordig die centrale plaats niet meer heeft. Geloof is op zijn best één onderdeeltje van je leven naast vele andere. Een plaats in je agenda die je wel of niet vrij kunt houden. Een belaste vrijheid Nu bepalen geloof en kerk niet meer het hele leven. Dat geeft vrijheid en omdat geloof nooit mensen mag onderdrukken maar juist vrij moet maken, is die vrijheid toe te juichen. Die vrijheid maakt het wel moeilijker om te leven volgens de christelijke traditie. Bijna niets gaat meer automatisch. Het kostte mijn vrouw en mij vrij veel moeite om een geschikte school te vinden voor onze kinderen die op een acceptabele manier met geloof omging. Vakanties en familieverplichtingen rond de feestdagen maken kerkbezoek lastiger om maar niet te spreken over het onbegrip bij familieleden als je zegt dat je hen op zondag niet vroeg kunt ontvangen, omdat je naar de kerk wilt. Verenigingen en sportclubs leggen een sociale claim op je, waar je je niet gemakkelijk aan kunt onttrekken. Daar komt nog bij dat voor Oud-katholieken de kerk altijd reizen betekent. Geloof en kerk zijn dan niet op de hoek van de straat te vinden. Tijd en ruimte vinden voor je geloofsleven is daardoor niet gemakkelijk. Gedoopt zijn is voortdurend kiezen. Gedoopt worden is de keuze voor God. Die maak je niet één keer op het moment dat je ervoor kiest gedoopt of gevormd te worden, maar die maak je steeds weer. Doordat het christelijke leven niet meer automatisch gaat, moeten wet er steeds weer ruimte voor maken, steeds weer tijd vinden naast al het andere om te beantwoorden aan die belofte die we zijn aangegaan. Alleen zo kan waar worden, wat Jezus heeft gezegd, namelijk dat zo de gerechtigheid vervuld kan worden. Alleen als we steeds weer voor het geloof in God kiezen, kan Jezus ons door het water heen leiden naar Gods koninkrijk. We gaan zo het doopwater wijden voor de komende maanden tot aan de paasnacht, het water niet alleen bij de doop gebruikt wordt, maar ook om het kruisteken te maken bij het binnenkomen en verlaten van de kerk. Laat het contact met dat water steeds weer de herinnering aan je doopbelofte zijn, zodat je steeds weer kiest voor de weg van Jezus, de weg die leidt naar gerechtigheid.
|
||